Pencak Silat is de verzamelnaam voor traditionele Indonesische krijgskunsten. Per streek zijn traditioneel verschillende stijlen ontwikkeld, die vaak lokale dieren imiteren. De Pencak Silat is in Indonesië sterk vermengd met mentaal spirituele elementen, waarbij fysieke en geestelijke ontwikkeling hand in hand gaan. In Europa is de fysieke kant het meest bekend.

Doordat in de jungle van Indonesië veel wilde dieren leefden, leerden de Indonesiërs zich een zelfverdediging aan die zich onderscheidde van iedere andere vorm van zelfverdediging. Zij begonnen namelijk de bewegingen van dieren te imiteren. Deze technieken werden steeds verder aangepast en geperfectioneerd. Waar de meesten het in ieder geval wel over eens zijn is dat de Pencak Silat zijn oorsprong heeft in West-Sumatra bij de Minangkabau. De oudste bekende stijlen, zoals Silek Tuo, Silek Pauh, Silek Kumango, Silek Seteralak en Silek Lintau, zijn allen afkomstig uit deze streek en worden nog steeds onderwezen.

De kracht van de pencak silat komt tot uiting wanneer het overgaat in harde, snelle bewegingen. Pencak silat bestaat dan ook uit twee delen. Pencak staat voor: beweging met gecontroleerde, soepele lichaamsbeheersing, die sierlijk is. Silat staat voor: bliksemsnelle beweging, gebaseerd op hardheid met als doel verdediging, neutralisering en tegenaanval.

Een goed geoefend pencak silat beoefenaar zal in het echt nooit aanvallen, maar wacht met veel geduld en beheersing de aanval af om pas daarna zijn technieken te gebruiken in het gevecht. Sommige manieren van pencak silat beoefenen, houden tevens in dat deelname aan sparring en wedstrijden in de praktijk onmogelijk is, omdat de gebruikte technieken verboden zijn doordat zij een vernietigende uitwerking hebben op de tegenstander.

Hoewel reeds de Nederlandse kolonialen in het toenmalig Nederlands-Indië ermee kennismaakten, geldt als moment van eerste kennismaking van het Westen en het begin van de internationale doorbraak het artikel dat in juni 1965 verscheen in het Amerikaanse blad Black belt, met op de cover een foto van een demonstratie door Rudy Ter Linden en Paul de Thouars, twee grootheden die daarbij een belangrijke rol zouden spelen.

Binnen Europa zijn er slechts enkele scholen die zich richten op de traditionele en meer authentieke vorm van silat. Hier trachten de leraren de stijl onaangetast te houden van invloeden uit andere vecht- en verdedigingskunsten om de stijl zo authentiek mogelijk te houden. Deze scholen staan vaak in direct contact met de moederschool in Indonesië.

De meer moderne stijlen van pencak silat richten zich voornamelijk op het fysieke element van de silat (zelfverdedigingstechnieken, kunstvorm in de vorm van demonstraties en het sport element). Invloeden uit andere vechtkunsten zijn daar niet uitgesloten. Zo is het gebruik van wapens uit voornamelijk Chinese vechtkunsten veelvoorkomend.