Karate-stijlenEr zijn enorm veel verschillende karate-stijlen in de wereld, zelfs buiten Japan en Okinawa (denk aan Amerikaans karate, kempo en andere Aziatische karate-stijlen). De grootste en belangrijkste stromingen vindt u in de onderstaande teksten.

GOJU-RYU KARATE
Letterlijke vertaling van de term Goju is ‘hard/zacht’. Go betekent hard en ju betekent zacht (nota bene judo is daarom ook de ‘weg van de zachte manier’). Ryu betekent school, dus in totaal betekent Goju-Rye de hard & zachte school van karate. Goju is één van de vier oorspronkelijke karate stijlen van Okinawa. De stijl werd opgericht door Chojun Miyagi. Deze had vele jaren Chinese vechtkunsten, zoals kung-fu, geleerd in China.

Sensei Chojun Miyagi droeg zijn kennis en kunde in ondoorbroken lijn over aan zijn leerling Anichi Miyagi en later aan Morio Higaonna. Dit houdt in dat er geen verwatering in de stijl is ontstaan in tegenstelling tot vele andere martial arts. Integendeel, Goju-Ryu karate bestaat zelfs vandaag de dag nog als onvervalste, tradionele maar effectieve gevechtskunst. Goju-Ryu is geen zogenaamd sport-karate; de nadruk ligt op praktische manieren van zelfverdediging in alle denkbare situaties.

Goju-Ryu karate heeft een grote verscheidenheid aan hand- en voettechnieken en bestaat uit zowel zachte ronde bewegingen, typerend voor de Chinese invloeden, als harde rechtlijnige bewegingen. Nadruk ligt eveneens op het versterken van lichaam en geest door aanvullende oefeningen.

Het grondbeginsel van een gecombineerde harde- en zachte stijl is het pareren van een harde aanval met een zachte blokkering techniek, danwel het ontwijken van de slag. Tegelijkertijd gebruikt men in Goju-Ryu een harde techniek tegen een zacht doelwit en vice versa. Bijvoorbeeld door met een zachte handpalm een hard doel als het hoofd aan te vallen, of juist met een harde trap een zacht gebied zoals het kruis aan te vallen.

SHOTOKAN KARATE
Shotokan karate is één van de vier traditionele Japanse karatestijlen. De stijl wordt gekarakteriseerd door zijn lange en diepe standen en het gebruik van voornamelijk rechtlijnige (harde) technieken. In tegenstelling tot de oude – door Chinese vechtkunsten beïnvloedde – stijlen uit Okinawa, wordt er in Shotokan karate bijna geen gebruik gemaakt van ronde (zachte) bewegingen. Er is eveneens weinig hardening van de lichaamsdelen, door bijvoorbeeld gebruik te maken van makiwara’s, zoals in bijvoorbeeld het Goju-Ryu karate van Okinawa.

Velen beschouwen Shotokan als een vorm van ‘sport-karate’, waar toernooien en sparring om punten het belangrijkste onderdeel zijn. Veel traditioneel ingestelde beoefenaars van Shotokan daarentegen zijn niet tevreden met de manier waarop Shotokan uitgedragen wordt en geven de voorkeur om het Shotokan terug te brengen naar de manier waarop de grondlegger Gichin Funakoshi het bedoeld had.

WADO-RYU KARATE
Wado-Ryu karate, kortweg Wado, werd ontwikkeld door een leerling van Gichin Funakoshi: Ohtsuka Hironori. Het is één van de vier hoofdstijlen van Japans karate. Hironori mengde zijn kennis van Shotokan karate metjiujitsu, judo en worstelen en vormde hiermee zijn eigen stijl. Dit was officieel in 1930. Hij introduceerde het vrije sparring – kumite – in het karate. Het belangrijkste concept van Wado-Ryu is ‘Tai Sabaki’. Dit is het bewegen van het lichaam om een aanval te ontwijken. Omdat ontwijken als belangrijk aspect wordt beschouwd ligt de nadruk minder op het hardenen van de lichaamsdelen, zoals dat in enkele andere stijlen gedaan wordt.

SHITO-RYU KARATE
Shito-Ryu karate werd ontwikkeld door Sensei Kenwa Mabuni. Deze karate meester was afkomstig uit Okinawa en leerde de oude ‘te’ stijlen Naha-te (voorloper van wat nu Goju-Ryu karate is) en Shuri-te (wat doorontwikkeld is in Shorin-Ryu). Shito-Ryu werd ontwikkeld uit de combinatie van kata en technieken uit deze beide stijlen. Meester Kenwa Mabuni (1890-1954) mengde de technieken van zijn twee leraren, Anko Itosu en Kanryo Higaonna, tot een Japanse leerprogramma en zijn eigen stijl. Hij begon deze te inderwijzen nadat hij verhuisde naar Osaka op het vasteland van Japan.

Karakteristiek voor Shito-Ryu Karate zijn de rechtlijnige technieken en rechte standen. Ook het gebruiken traditionele voorwerpen van Okinawa worden als wapenstijl beoefend in Shito-Ryu karate.

De meest bekende Shito-Rye beoefenaar is Fumio Demura, leerling van Ryusho Sakagami, die op zijn beurt weer een directe leerling van Kenwa Mabuni zelf was. Fumio Demura maakte deze stijl populair over de hele wereld. Vandaag de dag nog is hij hoofdinstructeur van zijn eigen dojo in de Verenigde Staten.

KYOKUSHINKAI KARATE
Kyokushinkai karate werd in Japan ontwikkeld door de Koreaan Matsutatsu Oyama. Deze stichtte in 1953 de Kyokushinkai-kan: weg van de uiterste waarheid.

Letterlijk betekenen deze Japanse termen afzonderlijk:
Kyoku – het uiterste
Shin – waarheid
Kai – samenwerken

Kyokushinkai karate, soms simpelweg afgekort tot Kyokushin, staat alom bekend als één van de hardste gevechtskunsten én zeker één van de hardste vormen van karate. Het is een karatestijl waarbij alle tradionele karate-elementen zijn opgenomen: kihon, kumite, kata en tameshiwara. De beoefenaars van Kyokushin karate worden geacht een zeer gedisciplineerde training te volgen met een enorme inzet van lichaam en geest. Het allerbelangrijkste in deze stijl is het daadwerkelijke gevecht: kumite.

Wedstrijden in kyokushin zijn – althans bij de volwassen – zonder beschermers en op basis van ‘full-contact’. Uiteraard zijn er wel de nodige regels voor de veiligheid en wordt er gejureerd door vijf scheidsrechters. Knock-Outs en Knock-Downs zijn toegestaan. Men mag niet schoppen in het kruis en slagen en stoten naar het hoofd, de ruggengraat en de nek zijn eveneens niet toegestaan.

De basis van Kyokushinkai bestaat uit zes kata. Hierin zijn de basistechnieken van Kyokushinkai karate verwerkt. Na deze kata zijn er nog drie Sukugi kata, drie Taikyoku kata en vijf Pinan kata. Als laatste zijn er nog maar liefst twaalf hogere kata, waarin alle onderdelen van karate aan bod komen.

In Nederland werd het Kyokushinkai geïntroduceerd door de heer Jon Bluming. Deze is momenteel houder van de hoogste graad in Kyokushin karate, te weten de 10de dan. Hij kreeg deze in 1994 uit handen van Kenji Kurosaki. Jon Bluming begon zijn opleiding in het Kyokushinkai in 1959 bij Mas Oyama.

Naast Shihan Bluming zijn andere beroemde Nederlandse beoefenaars van het Kyokushin karate: Loek Hollander, Peter Smit, Nico Gordeau, Ko Willemse, Gerard Gordeau, Koen Scharrenberg, Eric Constantia, Michel Wedel en John Kleijn.