Jiu-Jitsu (Japan)Jiu-jitsu betekent letterlijk de “kunst van de zachtheid” maar kan beter worden omschreven als “soepele techniek”. Het is een collectieve naam voor Japanse martial arts stijlen waarin gewapende en ongewapende technieken aan bod komen. Jiujitsu is ontstaan naast de samurai in het feodale Japan als een methode om gewapende en ongewapende opponenten te verslaan zonder daarbij zelf gebruik te maken van een wapen. De meest effectieve technieken om een opponent uit te schakelen zijn te vinden in worpen en klemmen. Deze technieken werden ontwikkeld rondom het principe om de energie van de aanvaller tegen hem te gebruiken.

Er zijn vele variaties op deze vechtsport die leiden naar verschillende methodes. Jiujitsu scholen gebruiken alle vormen van grijptechnieken. Vele scholen hebben het gebruik van wapens opgenomen in hun leerstof. Tegenwoordig wordt Jiujitsu nog steeds op dezelfde manier beoefend als honderden jaren geleden. Afgeleide sporten zijn onder meer de Olympische sport judo en het Braziliaanse Jiu-Jitsu.

Materialen
Bij Jiu-Jitsu maakt men altijd gebruik van een gi. Deze is feitelijk hetzelfde als een judopak. Verder gebruikt men tijdens het oefenen de nodige beschermers: een gebitsbeschermer, kruisbeschermer,scheenbeschermers en open handschoenen. Soms maakt men ook gebruik van oefenwapens, zoals bijvoorbeeld een houten mes of stok.